De sterke shekel moedigt Israëlisch toerisme in het buitenland aan; binnenlandse prijzen zijn ook hoger en schrikken lokaal verblijf af, aangezien buitenlandse bezoekers goedkopere opties in Israël zoeken.

(foto: currency – wikimedia) Israëls bloeiende economie heeft de shekel doen stijgen, lokale prijzen stijgen en liefhebbers van reizen vergelijken wat ze voor hun geld kunnen krijgen en komen tot de conclusie, dat het tijd is voor een vakantie in het buitenland.

Een paar jaar geleden ging het gemiddelde Israëlische gezin misschien eenmaal per jaar naar het buitenland. Maar nu de Europese Unie budgetluchtvaartondernemingen toestaat om naar en uit Israël te opereren en mensen meer geld te besteden hebben, is weggaan veel gemakkelijker geworden.

“Prijzen zijn in Israël 20 procent hoger en dat is waarom de mensen liever naar het buitenland gaan,” aldus Sana Lavi, plaatsvervangend directeur van de online reissite Daka 90. “We zien nu dat mensen twee of drie keer per jaar naar het buitenland gaan.” 

Gedurende de afgelopen 18 maanden steeg de shekelongeveer acht procent ten opzichte van de dollar, 12 procent tegen de euro en 20 procent ten opzichte van het Britse pond en dat maakte de eurozone in Europa en Engeland bijzonder aantrekkelijke bestemmingen.

“Er zijn te veel redenen voor een Israëli om naar het buitenland te gaan,” aldus Nahum Kara, vicepresident marketing en verkoop van Isrotel, Israëls leidende keten van luxe hotels. “Je hoeft geen econoom te zijn om tot die conclusie te komen.”

Cijfers van de regering cijfers tonen, dat er vorig jaar door Israëliërs 6,8 miljoen uitreizen naar het buitenland werden geboekt, 15 procent meer dan in 2015. Sinds 2012 is het aantal met 62 procent gestegen.

Tegelijkertijd zijn de binnenlandse prijzen, met name voor hotels en recreatieve activiteiten, sterk gestegen. Ze zijn nu voor veel Israëli’s onbetaalbaar, omdat de huishoudinkomens aan de onderkant van de OESO-gemiddelden blijven.

Een 5-daags verblijf in juni van een gezin van vier personen in een badhotel in Eilat, Israëls badplaats aan de Rode Zee, kost ongeveer $3.000, terwijl het zelfde verblijf in een vijfsterren hotel in Cyprus ongeveer $1.000 kost, volgens online reisbureaus.

“De Israëli zit thuis en denkt: ‘Waar zou ik op vakantie gaan zonder deals, naar Eilat of naar Cyprus?’ Natuurlijk zal hij naar Cyprus gaan,” aldus Henry Jakubowicz, algemeen directeur van iBookIsrael, een reis reserveringswebsite.

Het aantal buitenlanders dat Israël bezoekt blijft gestaag groeien – de aankomsten groeiden in maart rond 22% jaar-op-jaar – maar de bezoekers geven minder uit.

“Mensen die op zoek zijn naar een vijf-sterren ervaring in Israël, begonnen in lagere categorieën te zoeken, omdat de shekel zo sterk is”, zei Jakubowicz.

De groei van de buitenlandse bezoekers betekent, dat de binnenlandse horeca hieraan nu wel het hoofd kan bieden door op lagere schaal te werken, maar stijgende kosten betekenen, dat hun marges kleiner worden.

Toerisme is een belangrijke aandrijver van de Israëlische economie en draagt elk jaar ongeveer 40 miljard shekel ($11 miljard) bij aan het bruto binnenlands product en geeft aan rond 200.000 mensen werk.

Pesach, de Joodse vakantie die recent viel, is meestal een populaire tijd voor mensen om weg te gaan. Klachten over hoge prijzen zijn zo wijdverspreid, dat radiostations praatprogramma’s organiseren om het probleem te bespreken.

“Ik krijg meer dollars voor mijn shekels in het buitenland,” aldus Itay Talmor, 30.

Bron: www.ynetnews.com

Vertaling: PoF

Artikel trefwoorden: / /