Op donderdag 21 (en vrijdag 22) september 2017 is het Jom Teroea, ‘Dag van het Bazuingeschal’. De eerste feestdag of ‘gezette tijd’ (mo’ed) van de God van Israël, die hoort bij de Bijbelse najaarsfeesten. Het is tevens ‘nieuwe maan’ (Rosh Chodesh) de eerste dag van een nieuwe maand, in dit geval van de zevende maand van het jaar. Deze (eerste) dag begint al op woensdagavond 20 september, bij zonsondergang.Deze mo’ed wordt in Israël op twee dagen gevierd. De reden hiervan heeft te maken met wanneer precies de nieuwe maan zichtbaar is; zodra die zichtbaar is, begint het feest.

In Leviticus 23:23-25 staat: “Spreek tot de Israelieten en zeg: In de zevende maand, op de eerste dag van de maand, moet u een rustdag houden, een gedenkdag aangekondigd door bazuingeschal, een heilige samenkomst. U mag geen enkel dienstwerk doen en u moet de Heere een vuuroffer aanbieden.” (vs 24, HSV)
Het is een dag die gevierd moet worden als een sabbat, een speciale sabbat zelfs, ‘sabbaton’, én een gedenkdag. Er wordt dus niet gewerkt en men moet als gelovigen samenkomen, om o.a. naar de sjofar te luisteren en God te ontmoeten.
Wát er precies ‘herdacht’ moest worden, is uit Leviticus niet direct duidelijk.
In Nehemia 8 vinden we een vermelding dat Jom Teroea werd gevierd. Het moest een dag van vreugde zijn, niet van verdriet of oordeel (vers 11-13.)

De voorjaarsfeesten hebben te maken met de eerste komst van de Messias als het Lam van God, en zijn als zodanig vervuld. De najaarsfeesten zullen nog vervuld worden, d.w.z. hun ultieme betekenis zal nog gaan gebeuren, bij de tweede komst van de Messias, als de Leeuw van Juda.

Er klinken op Jom Teroea diverse bazuinklanken, korte klanken, en langere, en als ‘laatste bazuin’ klonk de ‘tekia gadol’: één zeer langgerekte klank. Hierna is het feest echt begonnen.

Er staat in Psalm 89:16 “Gelukkig is het volk, dat het geluid van de jubelroep kent (bij jubelroep staat ‘teruah’, sjofar’ en bij kent staat ‘jada’, van heel dichtbij kennen).
Het geluid van de sjofar maakte het volk geestelijk wakker en herinnerde hen eraan, dat God iets bijzonders wilde doen. Er werd op de sjofar geblazen toen het volk de Thora ontving, bij het begin van een Jubeljaar, bij de verovering van Jericho, als het volk werd opgeroepen voor de oorlog, bij het kronen van koningen, om de ballingen van Israel te verzamelen, als aankondiging van de oordelen van God en de bazuin zal klinken bij de komst van de Messias.
Ook nu kan het geluid ons op een bijzondere manier raken, en open maken voor wat God in ons leven wil doen.
Deze dag markeert tevens het begin van de tien ‘ontzagwekkende dagen’ van inkeer, die voorafgaan aan de Grote Verzoendag (zaterdag 30 september).

Velen zien in deze dag de voorafschaduwing van de dag, waarop de Messias zal terugkeren. Op die dag zal namelijk de bazuin klinken (Matth. 24:31), en zal de Messias dit feest ‘vervullen’, dat wil zeggen: doen, ten uitvoer brengen.

Deze dag wordt ook Rosh Hashanah genoemd, letterlijk ‘Hoofd van het Jaar”, oftewel: deze dag wordt ook het Joodse Nieuwjaar gevierd. Traditioneel eet men hierbij appeltjes met honing, en wenst elkaar een ‘goed en zoet nieuw jaar’.
Het Bijbelse jaar begint altijd in het voorjaar, in de maand Nisan (maart/april). Onze naam van de huidige maand, september, is nog een verwijzing naar ‘zevende maand’ (‘oktober’ is ‘achtste’, ‘november’ is ‘negende’ en ‘december’ is ‘tiende’).

PoF/SP