Messiaanse Joden worden door de hoofdstroom van de Joodse gemeenschappen over de hele wereld grotendeels gemeden en doorgaans beschouwd als ‘bekeerders’.Door Tamara Zieve

Foto: Hooggerechtshof van Israël (bron: Wikimedia Commons)

Onlangs trokken spanningen tussen Israëls rabbinaat en de liberale stromen in het Judaïsme, zowel in Israel als in het buitenland de aandacht door geschillen over religieus pluralisme. Maar een andere groep, die van de Messiaanse Joden, werd voortdurend geboycot door zowel het hoofdstroom van het wereld-Jodendom als Israël.

Zo nu en dan bereikt een verhaal de media over iemand die zichzelf als Jood ziet, waarvan de immigratie-aanvraag naar Israël, oftewel alya, geweigerd werd op grond van het feit dat hij of zij een Messiaanse Jood is.

Dit was het geval met de Zweedse psychologe Rebecca Floer (64), die afgelopen maand uit Israël werd gedeporteerd. Hoewel ze zichzelf niet als een Messiaanse Jodin definieert, gelooft zij in Yeshua, de naam die door Messiaanse gelovigen voor Jezus wordt gebruikt.

Nadat ze in de afgelopen drie jaar deels in het noorden van Israël heeft gewoond op een hernieuwd toeristenvisum, is haar paspoort inmiddels op de zwarte lijst geplaatst en haar advocaat heeft gewaarschuwd dat het moeilijk, zo niet onmogelijk, voor haar zal zijn om naar het land terug te keren.

Zowel in Israël als in de Joodse wereld, is er een bijna algehele verwerping van Messiaanse Joden of Joden, die in Jezus geloven. Zij komen niet in aanmerking voor aliya, want terwijl ze zichzelf als Joden beschouwen, wordt niet geaccepteerd dat een Jood in Jezus kan geloven.

Ze worden dus uitgesloten van de Wet op het recht van Terugkeer als mensen, die vrijwillig het Jodendom hebben verlaten door bekering. Sommigen, zoals Floer, werden als baby ook gedoopt, een andere reden, die door het Bevolkings- en Immigratie Bureau wordt aangehaald als grond voor afwijzing.

Floer is de dochter van een Holocaust-overlevende en zegt dat ze het slachtoffer is van antisemitisme in haar vaderland, Zweden, maar deze argumenten zijn niet opgewassen tegen de wet.
De woordvoerster van het Bevolkings- en Immigratie Bureau, Sabine Hadad, zegt dat het bureau aanbevelingen ontvangt van het Joods Agentschap, wat betreft wie in aanmerking komt voor aliya. Het Joods Agentschap zegt dat het de wet volgt.

“Wij werken overeenkomstig de wet, en handelen overeenkomstig hiermee…. Zij (Messiaanse Joden) zijn niet aangesloten bij de Joodse gemeenschap,” vertelt een hoge ‘aliya’-ambtenaar van het Agentschap, Yehuda Scharf, The Jerusalem Post.

“Als iemand verklaart dat hij in Jezus gelooft, dan is hij geen Jood – hij gelooft niet in ons geloof,” voegt hij eraan toe. “Het is simpel. Een Jood, die naar Israël wil emigreren, zal naar Israël verhuizen als hij zijn Judaïsme kan aantonen. Indien hij zijn Jodendom niet kan bewijzen, dan is het een ander verhaal.”
De Wet op het recht van Terugkeer was door de Knesset in 1950 tot wet verheven.

In 1970 werd Amendement 4A van de Wet op het recht van Terugkeer aangenomen, waarin staat: “De rechten van een Jood in het kader van deze wet en de rechten van een oleh (immigrant) onder de Nationaliteitswetgeving, 5712-1952, evenals de rechten van een oleh krachtens enige andere wet, zijn ook van toepassing op een kind en een kleinkind van een Jood, de echtgenote van een Jood, de echtgenote van een kind van een Jood en de echtgenote van een kleinkind van een Jood, met uitzondering van iemand, die een Jood was en vrijwillig zijn/haar religie heeft veranderd.”

In 1989 oordeelde de Hoge Raad dat het geloof van Messiaanse Joden in Jezus hen Christenen maakt en ze dus niet in aanmerking komen voor automatisch Israëlisch burgerschap.

Die beslissing werd evenwel opengelaten voor toekomstige veranderingen. “De ‘seculaire test’ bestaat uit verschillende onderdelen en het is mogelijk om onderling de fundamenten van de Joodse godsdienst, de Hebreeuwse taal, de geschiedenis van het Joodse volk en de herbouw van de onafhankelijkheid in de staat, op te noemen. Het gewicht van deze elementen is in de loop van de tijd veranderd en zal in de toekomst veranderen. De seculier-liberale voorstelling is een dynamisch concept, dat verandert met het levenspad van het Joodse volk gedurende de geschiedenis,” is er geschreven.

In april 2008 oordeelde het Hof dat verscheidene Messiaanse Joden in Israël recht hadden op Israëlisch burgerschap, omdat zij de afstammelingen waren van Joodse vaders of grootvaders, maar zelf nooit Joods geweest waren en zich dus niet hadden bekeerd.

“Je moet er een onderscheid tussen maken, of zij in aanmerking komen als Jood of als familielid van een Jood (amendement 4A),” legt Prof. Barak Medina, hoogleraar staatsrecht van de Hebreeuwse Universiteit van Jeruzalem, uit. Medina merkt op, dat indien iemand zichzelf definieert als een Messiaanse Jood, hij niet verkiesbaar is op grond van zijn eigen verdienste, maar op grond van de verdienste van zijn Joodse familielid – zolang hij niet vrijwillig bekeerd is. Iemand die zich vrijwillig bekeerd heeft, benadrukt hij, wordt beschouwd als zijn recht op aliya te hebben opgegeven.

”Ik denk niet, dat deze benadering in de nabije toekomst gaat veranderen,” zegt Medina.

“De vraag is of de Wet op het recht van Terugkeer wel geschikt is voor de huidige behoeften,” verteld een bron bekend met de kwestie de Post.

Hij zegt, dat de situatie ingewikkeld is voor diegenen, die zich in de “schemerzone van religies” bevinden, tussen Jodendom en Christendom, bijvoorbeeld, of degenen, die zich onder dwang bekeerden om hun leven te redden. “De wet heeft hier geen antwoord op. Niemand heeft hierover nagedacht en niemand wil in de Wet op het recht van Terugkeer veranderingen aanbrengen, uit angst dat het afbreuk zal doen aan de ware grondslag van de rechtvaardiging van het Zionisme.

“Het absurde is dat als ze zich aansluiten bij een vriendschappelijke associatie met Israël in het Westen, ze door Israël heel hartelijk als vrienden verwelkomd zullen worden, net als enige andere Christelijke groep vrienden van Israël,” voegt hij eraan toe, “maar ik denk dat plaatselijke gemeenschappen hen links zullen laten liggen, omdat ze te dubbelzinnig zijn over hun Jodendom en gemeenschappen zijn in het algemeen niet bang meer van Christelijke vrienden of zelfs Moslimvrienden, maar zijn erg beu van al degenen, die daar tussenin liggen.”

Messiaanse Joden worden inderdaad grotendeels geschuwd door Joodse gemeenschappen over de hele wereld in het algemeen en worden doorgaans gezien als mensen, die proberen om anderen te bekeren.

“De term ‘Joden voor Jezus’ – en waarschijnlijk zelfs ‘Messiaanse Joden’ – is een beetje onoprecht,” zegt rabbijn David Rosen, adviseur voor interreligieuze zaken bij het Opperrabbinaat van Israël, die tevens fungeert als de directeur van het Departement van Interreligieuze Zaken van het Amerikaans Joodse Comité.

“Als mensen geloven, dat Jezus één van de personen van de drie-eenheid van God is, dan zouden ze eerlijk moeten zijn en zichzelf identificeren als Christelijk.

Ze kunnen dus zichzelf identificeren als etnisch Joodse Christenen of Joodse Christenen, als ze dat willen. Maar ze zijn Christelijk”, vertelt hij de Post. “Een deel van het probleem met degenen, die deze terminologieën gebruiken, is dat het zeer vaak voor missionaire evangelisatie doeleinden is…. Dat is, denk ik, de voornaamste bron van ongerief voor de Joodse gemeenschap, waar zij worden gezien als agressief in hun religieuze benadering en onoprecht in hun terminologie.”

Argumenten aanhalend dat met de situatie van nakomelingen van slachtoffers van de Holocaust en degenen, die het doel waren van antisemieten rekening moet worden gehouden, zegt Rosen: “Ik sympathiseer met hun benarde situatie, maar ik vind het belachelijk om te suggereren dat antisemitisme, laat staan het nazisme, moeten bepalen, wie als Jood wordt beschouwd.”

Deze vraag mag in zijn ogen helemaal niet in handen van de staat worden gelegd.

“Vanuit mijn gezichtspunt zou de staat zich in het geheel niet moeten bemoeien met kwesties als de identiteit van de mensen. De staat mag niet in de kwestie treden, over wie een Jood is, laat staan over wat een Jood is,” beweert hij. “De staat zelf volgde oorspronkelijk vóór de Wet op het recht van Terugkeer, Ben-Goerion’s benadering, dat iedereen, die zich als Jood wilde beschouwen, moet worden gezien als Jood.”

Hij is ook van mening, dat de staat, als een seculiere democratie, géén groep boven de ander mag verkiezen.

“De meeste Joden geloven dat de Wet op het recht van Terugkeer een declaratief getuigenis moet blijven van het feit, dat Israël een tehuis is voor Joden overal ter wereld. Maar het is zeer twijfelachtig, of de Wet op het recht van Terugkeer precies moet bepalen, wie een Jood is”, zegt hij, daarbij aantekenend, dat naar zijn mening de taak van het absorberen van immigranten onder de verantwoordelijkheid van een organisatie van het Joodse volk, zoals het Joods Agentschap, zou moeten vallen.

Er zijn naar schatting 20.000 Messiaanse Joodse gelovigen in Israël, en een geschatte 350.000 wereldwijd.
Scharf zegt, dat erg weinig Messiaanse Joden aliya uit het buitenland aanvragen, maar het Joodse Agentschap beschikt niet over gegevens betreffende degenen die immigratie aanvragen terwijl ze al in Israël wonen. Het Bevolkings- en Immigratie Bureau zegt dat het geen statistieken, speciaal over Messiaanse Joden heeft.

De Messiaans-Joodse Alliantie van Israël weigerde een verzoek om een interview.

Bron: www.jpost.com

Vertaling: PoF