“De Raad voor de Mensenrechten van de Verenigde Naties (UNHRC) veroordeelde Israël deze week voor ‘het gebruik van buitensporig geweld’ bij de aanpak van de gewelddadige protesten in Gaza vorig jaar. Tot de leden van de Raad, die voorstemden om Israël te veroordelen, behoorden Afghanistan, Angola, Bahrein, Bangladesh, Burkina Faso, China, Cuba, Egypte, Eritrea, Irak, Nigeria, Pakistan, Qatar, Saudi-Arabië en Tunesië. Het zou voldoende moeten zijn om te zeggen, dat deze landen meer ervaring en expertise hebben in “menselijk onrecht” dan in “mensenrechten”, en de meesten van hun burgers zouden er wat voor over hebben om in een land te wonen met dezelfde rechten en vrijheden, die Israëlische burgers genieten.”

Door Calev Michael Myers – 22 maart 2019
(foto: hoofdkwartier UNHCR in Geneve, Zwitserland – Wikimedia – C. Messier)

“De beslissing van de UNHRC kwam slechts enkele dagen nadat de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, Mike Pompeo, dreigde om iedereen, die werkt voor het Internationaal Strafhof in Den Haag (ICC) en betrokken is bij de huidige onderzoeken tegen Amerikaanse en Israëlische leiders, een visum voor de Verenigde Staten te weigeren. Helaas heeft het ICC ongeveer evenveel gedaan om mensenrechten te bevorderen en misdaden tegen de menselijkheid tegen te gaan, als het UNHRC.

In feite heeft het ICC sinds haar oprichting in 2002 een kolossaal bedrag van $1,5 miljard dollar uitgegeven, terwijl het slechts acht veroordelingen heeft uitgesproken. Met zo’n slechte prestatie zou men verwachten dat het ICC meer laag hangend fruit zou najagen (zaken die makkelijk zijn binnen te halen) dan de leiders van democratische naties, zoals de Verenigde Staten en Israël, met een sterke rechtelijke macht, rechtsregels en bescherming van mensenrechten.

Richard Dicker, directeur internationaal recht bij Human Rights Watch, veroordeelde de verklaring van Pompeo en stelde, dat de VS probeerde “het hof te pesten”. Iemand zou meneer Dicker moeten vragen, waarom hij zo bezorgd is over Amerikaanse weigeringen om visa te verstrekken. Ervan uitgaand dat naar de mening van meneer Dicker de Amerikaanse regering een enorme bedreiging is voor de mensenrechten, waarom zouden werknemers van de ICC daar überhaupt naar toe willen reizen?

Een andere veroordeling van de Amerikaanse overheid kwam uit Syrië, Rusland en Iran deze week toen ze de beslissing van President Trump afwezen die officieel de soevereiniteit van Israël over de hoogvlakte van Golan erkende. Het is interessant op te merken, dat de 40.000 mensen die op de Golanhoogten wonen, van wie de meesten ofwel Druzen of Arabische Alawieten zijn, niet erg boos schijnen te zijn over dit besluit.

In feite vonden er een dag nadat president Trump zijn dramatische aankondiging maakte, geen rellen of demonstraties plaats op de Golanhoogvlakte. Misschien is dat omdat de Druzen en Arabische Alawieten er in feite goed met hun joodse buren omgaan en ze de afgelopen 52 jaar genoten hebben van de Israëlische veiligheid, democratie en economische zekerheid.

Ondertussen geeft de EU tegenstrijdige signalen richting Israël. Aan de ene kant deden ze mee met Syrië, Iran en Rusland bij het bekritiseren van de beslissing van President Trump om de Israëlische soevereiniteit over de Golanhoogvlakte te erkennen. Anderzijds, volgens een bericht dat door de British Jewish News gebracht werd, denkt de EU “dat Israël het VK na maart moet vervangen”. Er is waarschijnlijk weinig kans op dat Israël werkelijk een formeel lid van de EU zal worden.

Dit is echter alleen maar een ander voorbeeld van tegenstrijdig beleid van de EU ten aanzien van Israël. Enerzijds schonk de EU vorig jaar miljoenen euro’s aan organisaties, die zich bezighouden met het bevorderen van een economische boycot tegen Israël. Aan de andere kant, vestigde Esther Giaufret, de ambassadeur van de EU in Israël, die het idee van Israël als lidstaat van de Europese Unie steunt, de aandacht op economische gronden door te verklaren dat “wij de grootste interne markt ter wereld zijn, de dichtstbijzijnde markt voor Israël en het beste zakelijke milieu hebben. Met Israëls innovatieve en bloeiende economie, is deze gedachtegang volkomen juist”.

Geweldig. Ik durf te wedden dat de Druzen en Arabische Alawieten die op de Golanhoogten wonen, zich nog nooit hebben voorgesteld dat ze burgers van de EU konden worden, zonder ooit hun huizen te verlaten.”

Bron: blogs.timesofisrael.com

Vertaling: PoF

Artikel trefwoorden: / /